Informatie ABC

Het Informatie ABC is bedoeld voor alle bezoekers van deze website. Je kunt informatie lezen over psychologische en aanverwante onderwerpen.

Kies een onderwerp en klik erop.

01. Aandachtstekortstoornis (zie: ADHD)
02.
ADHD
03.
Adolescentie
04.
orafobie

05. Alcoholproblemen
06.
Angst
07.
Anorexia nervosa /Eetstoornissen
08.
Autisme
09.
Auto-rijangst
10.
Behandeling bij een psycholoog
11.
Big Five
12.
Bloosangst (zie: Sociale angst)
13.
Borderline persoonlijkheidsstoornis
14.
Bulimia nervosa / Eetstoornissen
15.
Burnout
16.
Chronische vermoeidheid / M.E.
17.
Cliëntgerichte psychologie (zie: Psychologische stromingen)
18.
Cognitieve psychologie (zie: Psychologische stromingen)
19.
Communicatieproblemen
20.
Cyclothyme stoornis (zie: Manische periode of manisch depressief)
21.
Dementie
22.
Depressie
23.
Dwangklachten
24.
Dysthyme stoornis (zie: Depressie)
25.
Dyslexie

26. Eetstoornissen (zie: Anorexia Nervosa) of Bulimia Nervosa
27. Emotionele intelligentie
28.
Erickson, Milton
29.
Existentiele Psychologie (zie: Psychologische stromingen)
30.
Faalangst
31.
Fobieën
32.
Gedragstherapie (zie: Psychologische stromingen)
33.
Gilles de la Tourette syndroom
34.
Hechting
35.
Hoofdpijn
36.
Humanistische psychologie (zie: Psychologische stromingen)
37.
Hyperactiviteit met Aandachtstekort (zie: ADHD)
38.
Hyperventilatie
39.
Hypochondrie
40.
Hypomaan (zie: Manische periode of manisch depressief)
41.
Individuatie proces
42.
Intelligentie
43.
Intelligentie Quotiënt (IQ)
44.
Jongeren (zie: Adolescentie)
45.
Jung, C. G.
46.
Korsakoff-syndroom
47.
M.E.
48.
Manische periode/manisch depressief
49.
Nervositeit
50.
Neurolinguïstisch Programmeren (NLP)
51.
Neurose (Neurotisch)
52.
Overspannenheid
53.
Ouders en kinderen (zie: hechting)
54.
Paniekaanval
55.
Persoonlijkheidskenmerken
56.
Persoonlijkheidsproblemen
57.
Posttraumatische stress stoornis
58.
Psychoanalytisch (zie: Psychologische stromingen)
59.
Psychodynamisch (zie: Psychologische stromingen)
60.
Psychologische stromingen
61.
Psychologische tests
62.
Psychose
63.
Puberteit
64.
Relatieproblemen
65.
Rouwverwerking
66.
Schizofrenie
67.
Seizoensdepressie (zie: Depressie)
68.
Seksuele problemen
69.
Slaapstoornissen
70.
Sociale angst
71.
Spiritualiteit
72.
Straatangst (zie: Agorafobie)
73.
Stress
74.
Suïcide
75.
Symbolen
76.
Synchroniciteit
77.
Systeemtherapie
78.
Vermoeidheid
79.
Verslaving
80.
Whiplash
81.
Wondervraag
82.
Zelfmoord (zie: Suïcide)

83. Zenuwen (zie: Nervositeit, Stress, Angst, Sociale angst)


ADHD

Hyperactiviteit / Aandachtstekortstoornis of ADHD (officieel: Attention Deficit/Hyperactivity Disorder) werd vroeger MBD genoemd (Minimal Brain Damage). Er zijn ernstige en minder ernstige vormen van hyperactiviteit al dan niet samengaand met aandachtstekorten.
Niet alleen kinderen, maar ook volwassenen kunnen ADHD hebben.
Bij een aandachtstekortstoornis heeft men moeite de aandacht bij taken te houden, is men snel afgeleid, lijkt het of de persoon vaak niet luistert, vergeetachtig is, vaak dingen kwijt raakt, zijn zaken niet goed organiseert of niet goed voor elkaar krijgt, aanwijzingen niet kan opvolgen of niet kan begrijpen, en niet lang met een karwei bezig kan zijn omdat dat teveel inspanning en concentratie vergt.
Bij hyperactiviteit is iemand onrustig en zit voortdurend te draaien of te wiebelen, praat vaak aan een stuk door, kan niet stilzitten en moet bewegen (of heeft een innerlijk onrustig gevoel), is altijd bezig en kan moeilijk ontspannen. Vaak is men ook onrustig in sociaal gedrag: men flapt er makkelijk dingen uit, is impulsief en kan niet op zijn beurt wachten. De klachten zijn al van jongs af aan aanwezig en zijn op verschillende terreinen te zien (op school, werk, thuis). De klachten veroorzaken last bij de betrokkene. De diagnose moet gesteld worden door een deskundige, bijvoorbeeld een psycholoog.

[Terug]


ADOLESCENTIE

Periode van jong-volwassenheid. Ontwikkelingsfase in het leven van een mens.
Een belangrijk kenmerk is het ontwikkelen van een identiteit, een zelfbeeld.
In deze periode leer je door vallen en opstaan, wie je bent, welke eigenschappen je hebt, waar je van houdt, wat je goed kunt en wat je belangrijk vindt in het leven.
Het is geen eindpunt; als het goed is blijf je je leven lang in ontwikkeling.
In deze periode kunnen crisissen voorkomen: verwarring over jezelf en het leven of conflicten waar je moeilijk uitkomt. Het is belangrijk daar over te blijven praten, schrijven, nadenken en je niet af te sluiten van andere mensen. Als je er zelf niet uit komt, kan een psycholoog je helpen uit deze soms moeilijke periode te komen.

[Terug]


AGORAFOBIE (STRAATANGST)

Agorafobie is een irreële angst (fobie) om buiten het huis te komen. Men durft de straat niet meer op. De gedachte alleen al de straat op te gaan zorgt voor panische gedachten en hevige paniekgevoelens.
Bijvoorbeeld: trillen, zweten, buikpijn, misselijk, duizelig, hartkloppingen, je heel onwezenlijk voelen, angst dood te gaan en dergelijke. Zoals bij elke fobie (fobieën) geldt dat een oplossing op de korte termijn is om binnen te blijven (vermijden), maar hierdoor wordt de angst groter. Een oplossing op de lange termijn is het gevecht met jezelf aan te gaan en je angst te overwinnen. Dat is vreselijk moeilijk maar zeker niet onmogelijk.
Begin met kleine makkelijke stapjes. Een psycholoog kan je hierbij helpen.

[Terug]


ALCOHOLPROBLEMEN

Wanneer ben je verslaafd aan alcohol en hoeveel mag je drinken? Dat is niet voor iedereen hetzelfde. De hoeveelheid alcohol die je lichaam kan verdragen is afhankelijk van je gewicht, lengte, gezondheid en of je man of vrouw bent. Het vrouwelijk lichaam kan minder goed alcohol verdragen dan het mannelijk lichaam.
Volgens huidige opvattingen kan het geen kwaad om elke dag 1 of 2 glazen alcohol te drinken. Het is veel ongezonder om bijvoorbeeld één keer per week 16 glazen alcohol te drinken.
Als je zoveel gedronken hebt, is het verstandig twee dagen erna helemaal niets te drinken.
Je lichaam kan zich dan herstellen. Alcohol, hoe weinig ook, tast de hersenen aan.
Dat is ook de reden dat wij alcohol drinken. We voelen ons meer ontspannen en stoppen met allerlei gedachten en gepieker. Ook allerlei organen als nieren, lever en maag worden
aangetast door alcohol. Om te weten of je verslaafd bent, moet je een tijdje geen alcohol gebruiken. Kun je dat? Als je eraan gewend bent geraakt, zal je de alcohol missen en zal je
eraan denken. Als er sprake is van een stevige gewenning word je er zelfs chagrijnig van als je geen alcohol drinkt en voel je je niet prettig.
Bij een echte verslaving krijg je ontwenningsverschijnselen: zweten, trillen, angstige of depressieve gevoelens, misselijk en dergelijke.
Bij nog ergere drinkers kan een delirium ontstaan: door de alcoholonthouding is men verward, weet men niet waar men is en kan men dingen zien die er niet zijn. Een ernstige hersen aandoening, die ontstaat door jarenlang alcoholmisbruik, is het Korsakoff syndroom.
Als je om een bepaalde reden alcohol gebruikt: om zorgen te vergeten, om verlegenheid kwijt te raken, om rotgevoelens weg te krijgen, kan alcoholgebruik voor een toekomstige verslaving zorgen. Wees eerlijk tegen jezelf over waarom en hoeveel je drinkt.

[Terug]


ANGST

Af en toe bang zijn of angst voelen is weliswaar vervelend maar is een volkomen normaal menselijk gevoel. Angst is voor ons een signaal om alert te zijn en op te passen voor gevaar: je spieren zijn gespannen en je bent klaar voor een reactie: vechten of vluchten.
Angst wordt een probleem als het ons beperkt in ons dagelijks leven.
Voorbeelden hiervan zijn: straatangst (agorafobie), sociale angst (angst uitgelachen of afgekeurd te worden door anderen), een paniekaanval of andere specifieke fobieën en angsten (bijvoorbeeld: auto -rijangst).
Kenmerken van angst: zweten, trillen, gespannen spieren, misselijk, duizelig, hartkloppingen, naar adem snakken, buikpijn, je onwerkelijk voelen of losgesneden van de wereld. Bij angst heeft men de neiging de angstige situatie uit de weg te gaan; dat helpt voor korte tijd maar op de lange termijn wordt de angst hierdoor groter. Bij angst is het nuttig voor jezelf te achterhalen waar je nou precies bang voor bent en wat voor gedachten je hierover hebt.
Angstbehandelingen bestaan eruit de confrontatie met de angst aan te gaan, in kleine stappen. Medicatie kan soms een bijkomende hulp zijn. Een psycholoog kan je hierbij helpen.

[Terug]


ANOREXIA NERVOSA/ EETSTOORNISSEN

Bij anorexia nervosa ben je bang dik te worden, terwijl je ondergewicht hebt.
Je bent voortdurend bezig met eten en niet-eten en weigert een normaal gewicht te hebben wat hoort bij je leeftijd en lengte. Er is sprake van een stoornis in de manier waarop je naar het eigen lichaam en gewicht kijkt: je ziet jezelf als dikker dan je in werkelijkheid bent.
Bij vrouwen stopt de menstruatie vaak als gevolg van de uithongering.

[Terug]


AUTISME
Er zijn verschillende vormen van autisme maar alle hebben als overeenkomst dat er sprake is van tekorten in het contact met andere mensen.
Wat men kan opmerken is dat de persoon weinig behoefte heeft aan contact met anderen, of dat het contact functioneel is, gericht op zichzelf en met weinig emotionele wisselwerking. Toch kan de persoon door emoties overspoeld raken, maar dan heeft hij er geen grip op.
De regels van het sociaal contact lijkt men niet te begrijpen: soms is er sprake van nauwelijks oogcontact, weinig inleven in anderen en kinderlijk reageren. Ook het voeren van een gesprek is moeilijk. Het taalgebruik is soms wat vreemd. In de motoriek kan men vaak ook iets houterigs herkennen of andere vreemde hand- of lichaamsbewegingen.
Mensen met een autistische stoornis (ofwel pervasieve ontwikkelingsstoornis) hebben vaak weinig fantasie. In het gedrag kan men veel vaste gewoontes hebben en men kan deze moeilijk loslaten. Soms heeft de persoon een grote interesse in iets specifieks waarmee hij/zij dag en nacht kan bezig zijn. De kenmerken zijn al van kinds af aan aanwezig. Autisme moet vastgesteld worden door een deskundige, bijvoorbeeld een psycholoog.

[Terug]


AUTO RIJANGST
Veel mensen zijn bang om auto te rijden ook al hebben zij een rijbewijs gehaald.
Bij sommigen is de angst ontstaan door een ongeluk. Bij anderen door een paniekaanval op de autoweg. Soms is er sprake van onzekerheid en te weinig oefening in het verkeer waardoor de angst ontstaan is.
Het is nuttig te achterhalen voor welke situaties je bang bent en wat je gedachten hierover zijn. Er zijn psychologen, die samen met gespecialiseerde rij-instructeurs, je hierbij kunnen helpen.

[Terug]


BEHANDELING BIJ PSYCHOLOOG

Als je klachten hebt als angsten, fobieën, gepieker, stress, relatieproblemen, seksuele problemen, doorlopende somberheid en dergelijke, kan een psycholoog je helpen.
Ook het praten over levensvragen of levensfaseproblematiek kan bij een psycholoog.
Je kunt met je klachten eerst naar de huisarts gaan, om lichamelijke oorzaken uit te sluiten. Van je huisarts kun je een verwijzing krijgen naar een deskundige psycholoog of het GGZ.
Je kunt ook zelf contact op nemen met een zelfstandig gevestigde psycholoog; vaak is de wachttijd daar kort.
Het is heel gewoon om een eerste afspraak te maken met verschillende psychologen, om te zien met wie het klikt. Zeg dan wel aan te telefoon dat je een eerste gesprek wilt, om te zien of het klikt. Vraag in het eerste gesprek hoe de psycholoog de klachten gaat behandelen en hoelang het gaat duren.
Als je besluit in behandeling te gaan, zal het eerste gesprek (of maximaal 3 gesprekken) een intakegesprek zijn. De psycholoog stelt veel vragen om een analyse te kunnen maken van de
klachten en zo de juiste behandeling te starten. Zelf kun je ook veel vragen stellen. Daarna doet de psycholoog een behandelvoorstel. Hij zal zeggen hoe hij denkt dat het probleem het beste behandeld kan worden en hoelang de behandeling duurt.
Een kortdurende behandeling duurt 5-10 behandelingen.
Er zijn verschillende psychologische stromingen; theorieën over de psyche van de mens met
verschillende behandelwijzen.

[Terug]


BIG FIVE

Met de Big Five bedoelt men vijf dimensies waarop men persoonlijkheidskenmerken kan vaststellen. De vijf dimensies zijn:
* De mate van Extraversion-Introversion (extraversie/toegankelijk/open tegenover introversie/ontoegankelijk/gesloten)
* De mate van Agreeableness (inschikkelijkheid/flexibiliteit tegenover rigiditeit/onaangepastheid).
* De mate van Conscientiousness (betrouwbaarheid/gewetensvol tegenover onbetrouwbaar/berekenend/chaotisch)
* De mate van Emotional Stability (emotioneel stabiel/ gelijkmatig temperament tegenover emotioneel instabiel/stemmingswisselingen)
* De mate van Openess (openstaan/nieuwsgierig voor ervaringen naar gesloten/ongeinteresseerd).

[Terug]


BORDERLINE PERSOONLIJKHEIDSSTOORNIS

Een borderlinestoornis is zo genoemd omdat het zich begeeft tussen een neurotische
stoornis (neurose) en een psychotische stoornis in (psychose).
Mensen met een borderline stoornis kunnen nogal heftige stemmingswisselingen meemaken en een impulsief gedrag vertonen. Ze kunnen eerst heel enthousiast zijn over iets of iemand, en daarna kraakt men het af of is men teleurgesteld.
Deze vorm van zwart-wit denken past men toe op mensen en andere zaken. Men ziet dan nogal eens dat mensen met een borderline stoornis een wisseling hebben van vrienden en relaties en maatschappelijk vastlopen (werk, school).
Daarnaast heeft men identiteitsproblemen, men voelt zich leeg van binnen, kan niet goed alleen zijn, is bang in de steek gelaten te worden, heeft moeite om woede te beheersen en ten tijde van stress kan men psychotische verschijnselen krijgen (bijvoorbeeld: stemmen horen of paranoïde ideeën).
Borderliners hebben vaak een moeilijk verleden achter zich met misbruik, verwaarlozing of instabiliteit en een onveilige hechting, maar ook een genetische aanleg van impulsiviteit en stemmingswisselingen speelt waarschijnlijk een rol. Omdat instabiliteit een groot kenmerk is van de borderlinestoornis, richt de psychotherapeutische behandeling zich op het vinden van stabiliteit.

[Terug]


BULIMIA NERVOSA / EETSTOORNISSEN

Bulimia nervosa is een eetstoornis met regelmatig terugkerende vreetbuien afgewisseld met periodes om gewichtstoename te voorkomen.
Bijvoorbeeld: zelfopgewekt braken, laxeermiddelen gebruiken, vasten of overmatige lichaamsbeweging. Deze afwisselende periodes komen een paar keer per week voor en dat gedurende een lange tijd.
Het oordeel dat je over jezelf hebt wordt beïnvloed door je lichaamsvorm en het gewicht.
Als je een laag gewicht hebt ben je meer tevreden over jezelf dan als je een hoger gewicht hebt.

[Terug]


BURNOUT

Burnout is een toestand van chronische stress waarbij een sterke vermoeidheid(lichamelijk & mentaal) overheerst. Een vakantie of een aantal dagen rust helpen niet meer. De klachten blijven bestaan en lijken zelfs erger te zijn als men eindelijk rust neemt. Maar werken gaat ook niet meer omdat men concentratieproblemen heeft, besluiteloos is en niet meer goed kan denken. Het is een sluipend proces. Achteraf kun je zien dat je moeilijke zaken op het werk uit de weg ging, minder plezier had en minder goed kon relativeren.
Andere klachten zijn: slaapstoornissen, depressieve en angstige gevoelens, onrustig voelen, hartkloppingen, hyperventilatie.
Omdat je niet meer goed kunt denken en hersenprocessen net zo verstoord zijn als andere lichaamsprocessen, kun je het heel somber in zien. Zoek hulp bij een psycholoog die bekend is met het fenomeen stress en burnout. Kijk ook bij
van burnout naar burnin (onafhankelijk informatie- en communicatieplatform stress en burnout).

[Terug]


CHRONISCHE VERMOEIDHEIDSSYNDROOM of ME

ME is een afkorting van myalgische encephalomyelitis, een zeer ernstige, soms levensbedreigende ziekte en staat bekend als een chronisch vermoeidheidssyndroom.
De oorzaak is (nog) niet bekend, evenmin kan de ziekte worden vastgesteld met laboratoriumonderzoek.  De ziekte kan ontstaan na een griepachtige periode.
De kenmerken van de ziekte zijn:
perioden van allesoverheersende uitputting. Spierpijn, onvermogen tot geestelijke inspanning en een lange herstelperiode (3-5 dagen) als men lichamelijke of geestelijke inspanning heeft geleverd. Vaak functioneert het immuunsysteem slecht (infecties, allergieën). Ook komen storingen in het autonome zenuwstelsel voor (overgevoelig voor kou en warmte, transpiratie, duizelig na inspanning, lage bloedsuikerspiegel), storingen in het centrale zenuwstelsel (slaapstoornissen, concentratieproblemen, emotioneel labiel).
Wat te doen als je M.E. hebt?
Steun zoeken bij huisarts, hoewel het kan dat de huisarts niet bekend is met de ziekte.
Voor informatie: ME/CVS Stichting Nederland, de Noordse Bosje 16, 1211 BG Hilversum.
En help jezelf! Niet jezelf forceren.
Voldoende rust. Maar ook in beweging blijven om de spieren te blijven gebruiken.

[Terug]


COMMUNICATIEPROBLEMEN

De meeste problemen tussen mensen worden veroorzaakt door communicatieproblemen.
Men zegt niet wat men bedoelt, men weet niet wat men eigenlijk bedoelt (gebrek aan zelfkennis), men interpreteert de boodschap van een ander verkeerd. Men zou kunnen zeggen: mensen moeten direct en eerlijk praten, dan zijn er geen problemen maar dat is te simpel gezegd.
Naast een inhoudelijke boodschap (de woorden) communiceren wij ook op een ander niveau (bijvoorbeeld het relationeel niveau).
Onze toon, ons non-verbale gedrag maakt ook deel uit van de boodschap. Iemand die met zijn been zit te wippen straalt ongeduld uit, iemand die met de armen gekruist staat, straalt een defensieve houding uit. Mensen kunnen ook verschillende conversatiestijlen hebben.
Voor sommigen zal het stellen van vragen onbeleefd zijn (een kruisverhoor), voor anderen is dat dé manier om te tonen dat je belangstelling hebt voor een ander. Soms zijn communicatieboodschappen onduidelijk of tegenstrijdig. Bij onderlinge problemen is het belangrijk de communicatiestijl van elkaar onder de loep te nemen.

[Terug]


DEMENTIE

Dementie is een ziekte in de hersenen door het verdwijnen van hersenweefsel of een verminderde doorbloeding van de hersenen. De ziekte begint geleidelijk en wordt langzaam erger. Er zijn verschillende typen ‘dementie’ waarvan de ziekte van Alzheimer het meest voorkomt. Het eerste kenmerk is vergeetachtigheid. Echter, vergeetachtigheid is heel gewoon wanneer je ouder wordt. Bij Alzheimer zie je juist dat iemand dingen vergeet die je normaal niet zo gemakkelijk zult vergeten, zoals de afgelopen vakantie, of dat een familielid overleden is, of dat je zelf het afgelopen jaar in een ziekenhuis hebt gelegen.
Daarnaast verandert het taalgebruik: men kan niet meer op bepaalde woorden komen en het taalgebruik verarmt. Bepaalde handelingen als koffiezetten, wassen of iets natekenen lukken niet meer. Men krijgt problemen met het omgaan met geld en het nemen van beslissingen.
Het gedrag verandert: teruggetrokkener of onrustiger en de stemming verandert eveneens.
Dementie gaat vaak samen met depressieachtige verschijnselen.
De omgeving merkt de veranderingen vaak beter op dan de persoon zelf. Een huisarts of gespecialiseerde psycholoog kan vaststellen of er sprake is van dementie en hoe de verdere behandeling eruit gaat zien.

[Terug]


DEPRESSIE

Een depressie is een periode van minimaal twee weken achter elkaar waarin de stemming somber en negatief is. Je voelt je leeg, apathisch, verdrietig of wanhopig.
Het plezier in alledaagse activiteiten ben je kwijt. Je voelt je moe, energieloos, ongeïnteresseerd.
Je gedachten zijn negatief: gepieker dat niet ophoudt, negatieve gedachten en gevoelens over jezelf (minderwaardigheidsgevoelens, schuldgevoelens) en soms gedachten over de dood of de wens om dood te zijn. Vaak heb je ook concentratiestoornissen, kun je minder goed constructief denken en ben je besluiteloos.
Ook treden er vaak treden slaapstoornissen op: te vroeg wakker of ’s nachts een tijd wakker liggen. Het kan ook zijn dat je een enorme slaapbehoefte hebt, ook overdag.
Een depressie gaat vaak gepaard met gewichtsverlies of een toegenomen eetlust.
Een depressie kan eenmalig zijn of regelmatig terugkomen. Soms is er sprake van een seizoensdepressie: de depressieve gevoelens komen voor tijdens een bepaalde periode van het jaar (bijvoorbeeld tijdens de herfst of winter).
Als men een lichtere depressieve stemming heeft tijdens het grootste gedeelte van de dag en vaak een laag gevoel van eigenwaarde en dat al jarenlang is er sprake van een dysthyme stoornis.
Depressieve klachten of een dysthyme stoornis zijn goed te behandelen door bijvoorbeeld een psycholoog.
Echter, het is heel normaal om af en toe gedeprimeerd te zijn. Aangezien iedereen in het leven moeilijke momenten, tegenslag of verdriet meemaakt, is het normaal om je hierover rot te voelen. Het verschil tussen gedeprimeerd zijn en een depressie is dat een depressie niet over gaat door aandacht of plezierige activiteiten en een gedeprimeerde stemming wel.

[Terug]


DWANGKLACHTEN

Wanneer gaan vaste gewoontes of routines over in dwanghandelingen of gepieker over in dwanggedachten? Sommige mensen kunnen zo netjes zijn dat het voor anderen overdreven overkomt maar dat is nog geen dwangstoornis. Bij dwangklachten heeft de persoon er zelf last van: het moeten tellen, aanraken, schoonmaken, controleren, of prevelen van bijgelovige gedachten beheersen iemands leven. Er lijkt geen keuzemogelijkheid meer te zijn.
De angst dat iets niet goed gaat (angst voor geweld, gevaar, ziektes, zondes en dergelijke) worden bezworen met handelingen en gedachtes. Zonder deze handelingen of gedachtes loopt de angst en onrust op en men kan in een vicieuze cirkel terechtkomen van rituele handelingen en gedachten die het hele leven gaan beheersen. De meeste mensen schamen zich voor hun dwangklachten. Vaak gaat een dwangstoornis samen met depressieve gedachten.
Dwangklachten zijn goed te behandelen, zeker als men snel met de behandeling begint.
Soms is naast een gedragstherapeutische behandeling door een psycholoog ook medicatie noodzakelijk.

[Terug]


DYSLEXIE

Dyslexie noemt men ook wel lees- of woordblindheid. Je hebt een probleem in het correct lezen en spellen van woorden. Een dyslectisch kind of volwassene heeft ook vaak moeite met dingen uit het hoofd leren, met het onthouden van instructies en met een lawaaierige omgeving. Dyslexie is een taalstoornis waarbij de beide hersenhelften niet goed op elkaar zijn afgestemd. Je hebt moeite met de koppeling ‘letters’ en ‘klank’. Dyslexie heeft niets te maken met intelligentie. Vaak ziet men bij dyslexie dat het in de familie zit; er is sprake van een erfelijke component.
Als dyslexie op tijd gesignaleerd wordt, kan men het behandelen (door gespecialiseerde psychologen bijvoorbeeld).

[Terug]


EMOTIONELE INTELLIGENTIE

Emotionele intelligentie (EQ), omschreven door Daniel Goleman, wijst op intra- en interpersoonlijke vaardigheden en talenten. Intrapersoonlijke vaardigheden verwijzen naar de eigen psyche en het vermogen tot zelfkennis en zelfbewustzijn en emoties onderscheiden, analyseren en hanteren. Interpersoonlijke vaardigheden hebben te maken met het vermogen andere mensen te begrijpen en aan te voelen, hun emoties begrijpen, in staat zijn om relaties te hanteren en sociale vaardigheden hebben. Volgens Goleman is emotionele intelligentie vaak belangrijker in het (bedrijfs)leven dan ons IQ (Intelligentie Quotiënt).

[Terug]


ERICKSON, MILTON

Milton Erickson (1901-1980) is een van de belangrijkste hypnotherapeuten van zijn tijd.
Hij is grondlegger van de moderne hypnotherapie en een grote inspirator voor de technieken van het Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP).
Volgens de opvattingen van Erickson is het onbewuste een bron van creativiteit en wijsheid. De mens heeft van nature alle hulpbronnen in zich aanwezig. Om veranderingen teweeg te brengen bij cliënten (en het onbewuste van de cliënt aan te boren) maakte Erickson gebruik van paradoxen, anekdotes, verassingen en verwarring. Een van de belangrijkste hulpmiddelen waren zijn therapeutische verhalen. Als antwoord op een probleem van een cliënt vertelde Erickson een ogenschijnlijk simpel verhaal met een grote therapeutische waarde die voor verandering van de clïent zorgde.

[Terug]


FAALANGST

Faalangst is de angst om iets te presteren en fouten te maken. Veelal zit hier de angst achter om uitgelachen te worden, bespot, of vernederd te worden. (sociale angst). De angst om te moeten presteren kan ook positief werken waardoor je goed geconcentreerd bent, op scherp staat en beter presteert dan zonder deze spanning (positieve faalangst).
Faalangst kan ook de angst zijn slechte punten te halen of de angst niets meer te weten op het moment suprème; het kan zijn dat de angst zich beperkt tot testsituaties (proefwerken, examens e.d.).
Ga voor jezelf na in welke situaties de angst op treedt en wat je achterliggende gedachten zijn.
Via school of het GGZ kun je misschien een faalangsttraining volgen. De mensen die een faalangsttraining volgen hebben dezelfde angst als jij. Voor individuele behandeling kun je terecht bij een psycholoog.

[Terug]


FOBIEËN

Bij fobieën is er sprake van een irrationele (niet-logische) angst voor iets. Meestal weet je zelf wel dat de angst onlogisch is, maar dat verandert de angstklachten niet. De angstklachten zijn hevig.
Bijvoorbeeld: trillen, zweten, buikpijn, misselijk, duizelig, hartkloppingen, je onwezenlijk voelen, angst dood te gaan en dergelijke. De angst kan te maken hebben met kleine dieren (spinnen, muizen), bruggen, hoogtes, auto’s (autorijangst), tunnels, bloed zien, kleine ruimtes (claustrofobie), straatangst (agorafobie), enzovoort.
Bij fobieën heb je de neiging het gevreesde uit de weg te gaan. Op de korte termijn helpt dat maar op de lange termijn wordt de angst heviger. Als je ernstig beperkt wordt door je fobie of hier onder lijdt kun je met behulp van een psycholoog van je fobie afkomen of deze verminderen.

[Terug]


GILLES DE LA TOURETTE SYNDROOM

Het Gilles de la Tourette syndroom is een neurologische aandoening waarbij men tics heeft.
Een tic is een plotselinge, herhaalde beweging of uiting. De tics kunnen grimassen in het gezicht zijn, motorische tics (iets denkbeeldigs oppakken/ anderen nadoen) en vocale tics (schelden, vloeken, obsceniteiten uiten).
Bij het Gilles de la Tourette syndroom is er onder andere een teveel aan dopamine, een neurotransmitter. Dopamine lokkers als Haldol (Haloperidol) worden daarom wel voorgeschreven om de tics te verminderen.

[Terug]


HECHTING

Hechting tussen ouders en kind is de band van verbondenheid tussen beiden. Via de zorg en liefde van onze ouders bouwen wij ‘ideeën’ op over liefde, intimiteit en zorg (hechtingsrelatie). Zonder dat dit bewust gaat staat de hechtingsrelatie met onze ouders model voor latere relaties die wij aangaan met anderen. In zowel liefdesrelaties als vriendschapsrelaties zie je fundamenten terug van onze eerste ‘liefdesrelatie’. Als de hechtingsrelatie met onze ouders goed was (veilige hechtingsrelatie), geeft dat ons het vermogen tot vertrouwen in anderen, een vertrouwen in onszelf en het vermogen tot intimiteit en liefde. Niet altijd zijn de ervaringen die men met ouders heeft positief. Sommigen worden mishandeld, misbruikt, in de steek gelaten of aan zijn lot overgelaten.
Dergelijke ervaringen hebben ons angst, pijn en eenzaamheid gegeven. Deze ‘grondhouding” van ingesteld zijn op angst, pijn en kwetsingen kan men onwillekeurig meenemen als volwassenen.
Men heeft een onveilige hechtingsrelatie opgebouwd die sporen kan nalaten als volwassene. Onveilig gehechte personen hebben meer kans op psychische problemen. Een goede partnerrelatie of therapie kan voor inzicht en verandering zorgen.

[Terug]


HOOFDPIJN

Er zijn verschillende soorten hoofdpijn, bijvoorbeeld na teveel alcoholgebruik (een kater), bij griep of infectieziekten, door spanning of stress en dergelijke.
Spanningshoofdpijn wordt veroorzaakt door een te grote spanning van de nekspieren.
De nekspieren voelen meestal hard aan. Kenmerken zijn: een dof gevoel in het achterhoofd, de slapen en in het voorhoofd.
Wat kun je er aan doen?
Door ontspanning, massage en pijnstillers gaat deze hoofdpijn weg. Probeer na te gaan wat de hoofdpijn veroorzaakt heeft.
Migraine is een kloppende of bonzende hevige hoofdpijn, meestal aan één kant van het hoofd. De hoofdpijn komt aanvalsgewijs en duurt meestal een tot een paar dagen. Het kan beginnen met gezichts- of gevoelstoornissen en de hoofdpijn komt opzetten. Op het hoogtepunt van de aanval is de hoofdpijn zo hevig dat men er misselijk van is en overgevoelig voor allerlei prikkels.
Wat kun je er aan doen?
Tijdens een aanval in bed gaan liggen en wachten tot het over is. Naar de huisarts voor eventueel medicatie. Nagaan waardoor de aanval werd uitgelokt: teveel inspanning, slaaptekort, sterk zonlicht, sterke emoties.

[Terug]


HYPERVENTILATIE

Bij hyperventilatie is de ademhaling van slag: je ademt te snel of te diep. Het gevolg is dat je een teveel aan zuurstof in het bloed krijgt en te weinig koolzuur uitblaast. Daardoor voel je onaangename verschijnselen, bijvoorbeeld: duizelig, benauwd, hartkloppingen, pijn op de borst, tintelingen, flauwvallen, hoofdpijn, angst. Hyperventilatieverschijnselen zijn onschuldig. Doordat een hyperventilatieaanval heel vervelend kan zijn, wordt je bang voor een toekomstige aanval en kun je in een vicieuze cirkel terechtkomen.
Wat kun je eraan doen?
En hoe komt het dat de ademhaling van slag raakt?
De ademhaling kan van slag raken doordat je angstig bent voor bepaalde situaties (bijvoorbeeld op het werk of op school). Als we angstig zijn gaan we nu eenmaal anders ademen. Ook stress, (over)vermoeidheid of overbelasting (overspannenheid) kunnen dezelfde verschijnselen oproepen.
We kunnen ademhalings- en ontspanningsoefeningen doen. Hier zijn boekjes en cassettebandjes voor in de handel maar ook een psycholoog kan je dit leren. Als je eenmaal te snel ademt en een teveel aan zuurstof in het bloed hebt, raak je dit kwijt door bijvoorbeeld een paar keer de trap op te rennen, of touwtje te springen. Lichamelijke beweging dus! Ook kun je proberen rustig te ademen door van je handen een kom te maken en hierin te ademen. Rustig in een plastic zak ademen wil ook nog al eens helpen.
Probeer na te gaan waardoor je een hyperventilatieaanval krijgt en praat hierover met andere
mensen. Als niets helpt of je maakt je ongerust, ga dan langs de huisarts.

[Terug]


HYPOCHONDRIE

Hypochondrie wil zeggen: je zorgen maken dat je bepaalde ziektes hebt en ondanks geruststelling of onderzoek blijf je bevreesd voor ziektes. Meestal zorgen kleine kwaaltjes of pijntjes voor de zwaarmoedige gedachten over ernstige ziektes. De gedachten gaan vaak gepaard met angsten.
Door te piekeren en tobben over ernstige ziektes roep je angsten en somberheid over je af. Angsten en somberheid gaan gepaard met lichamelijke klachten als: hoofdpijn, buikpijn, spierpijn en kunnen voor hyperventilatie- en spanningsklachten zorgen. Deze klachten kunnen de angst voor ziektes versterken en zo kun je in een spiraal van negatieve gedachten komen te zitten.
Met behulp van een psycholoog kun je uit de negatieve spiraal komen.

[Terug]


INDIVIDUATIE PROCES

Ontwikkelingsproces van een individu, gericht op zelfverwerkelijking. Zelfverwerkelijking is het
ontdekken en benutten van al je potenties en eigenschappen, en hiervoor verantwoordelijkheid dragen, zonder de verbondenheid met anderen te verliezen. De term individuatie is een veelgebruikte term van Jung. Volgens Jung en zijn analytische psychologie, is elk individu gericht op individuatie. Het individuatieproces komt naar voren in dromen, waarin de mens beelden produceert die deel uit maken van het individueel en collectief onbewuste. In de therapie worden dromen gebruikt om verder te komen in het individuatie proces.  Zelfverwerkelijking of zelfactualisatie is in de humanistische psychologie (psychologische stromingen) eveneens een uitgangspunt.

[Terug]


INTELLIGENTIE

Intelligentie is het mentaal vermogen te analyseren, te abstraheren en te begrijpen.
Een algemeen geldende uitspraak over wat intelligentie is, bestaat niet in de psychologie. In de psychologie maakt men gebruik van intelligentietests die de intelligentie vaststellen in de vorm van een IQ (Intelligentie Quotiënt). Het gemiddelde IQ van de Nederlandse bevolking is per definitie 100.
Afwijkingen boven of onder het gemiddelde zijn zeldzamer. In een intelligentietest meet men over het algemeen de algemene ontwikkeling, reken- en taalvaardigheden, ruimtelijk inzicht, reactiesnelheid en het vermogen verbanden te zien.
Verschillende onderzoekers wijzen erop dat er meer soorten intelligentie zijn dan wat gewoonlijk gemeten wordt met een intelligentietest. Gardner onderscheidt verschillende intelligenties: een taalkundige, logisch-mathematische, ruimtelijke, muzikale, interpersoonlijke, intra persoonlijke en naturalistische intelligentie. Goleman onderscheidt een emotionele intelligentie (EQ): het vermogen tot intra- en interpersoonlijke sensitiviteit (inzicht in eigen emoties en die van anderen) dat sterke overeenkomsten vertoont met de persoonlijke intelligentie van Gardner.

[Terug]


INTELLIGENTIE QUOTIËNT

Het Intelligentie Quotiënt (IQ) is een maat om middels een intelligentietest de intelligentie te stellen.

IQ

percentage

classificatie

130 en hoger

2,2

hoog begaafd

120-129

6,7

Begaafd

110-119

16,1

hoog normaal

90-109

50

Normaal

80-89

16,1

laag normaal

70-79

6,7

Debiel

69 en lager

2,2

Zwakzinnig

(uit: de Zeeuw, Algemene Psychodiagnostiek).

[Terug]


JUNG, C.G.

Carl Gustav Jung (1875-1961), Zwitsers arts, psychiater, psychotherapeut en schrijver. Jung was een afvallige van de psychoanalyse van Freud; hij kon zich niet verenigen met de, in zijn ogen, beperkte theorie van de psyche van de mens. Jung is bekend geworden als onderzoeker van
symbolen en mythen van de mens (collectieve symbolen van het onbewuste of archetypische voorstellingen) die hij toepaste op zijn analytische psychologie (de individuele psychotherapie). Dromen waren voor Jung een belangrijk middel om het individuatie proces van individuen te onderzoeken.

[Terug]


KORSAKOFF SYNDROOM

Het Korsakoff syndroom is hersenschade die ontstaan is door chronisch alcoholmisbruik
(alcoholproblemen): men heeft jarenlang het lichaam uitgeput door teveel alcohol te drinken. Het wordt veroorzaakt door een thiamine-depletie (onttrekking aan het lichaam van thiamine) die kan ontstaan als men niet voldoende vitamine B binnen krijgt. De belangrijkste kenmerken van de ernstige ziekte zijn: geheugenstoornissen (nieuwe informatie opnemen lukt niet meer oude kennis wordt wel bewaard), herinneringen in het meest recente deel van het verleden zijn verstoord, terwijl herinneringen uit een verdergaand verleden (jaren terug) intact kunnen zijn. Intellectuele vaardigheden blijven goed. In ernstige gevallen is men verward en vult men de “gaten” in het geheugen op men verzinsels.

[Terug]


M.E. of CHRONISCH VERMOEIDHEIDSSYNDROOM

ME is een afkorting van myalgische encephalomyelitis en staat bekend als een chronisch vermoeidheidssyndroom. De oorzaak is (nog) niet bekend, evenmin kan de ziekte worden vastgesteld met laboratoriumonderzoek. De ziekte kan ontstaan na een griepachtige periode. De kenmerken van de ziekte zijn:
perioden van allesoverheersende uitputting. Spierpijn, onvermogen tot geestelijke inspanning en een lange herstelperiode (3-5 dagen) als men lichamelijke of geestelijke inspanning heeft geleverd. Vaak functioneert het immuunsysteem slecht (infecties, allergieën). Ook komen storingen in het autonome zenuwstelsel voor (overgevoelig voor kou en warmte, transpiratie, duizelig na inspanning, lage bloedsuikerspiegel), storingen in het centrale zenuwstelsel (slaapstoornissen, concentratieproblemen, emotioneel labiel).
Wat te doen als je M.E. hebt?
Steun zoeken bij huisarts, hoewel het kan dat de huisarts niet bekend is met de ziekte.
Voor informatie: de M.E. stichting, Postbus 57436, 1040 BH Amsterdam.
En help jezelf! Niet jezelf forceren.
Voldoende rust. Maar ook in beweging blijven om de spieren te blijven gebruiken.

[Terug]


MANISCHE PERIODE of MANISCH DEPRESSIEF

Tijdens een manische periode heb je een abnormale en voortdurend euforische stemming.
Je hebt weinig behoefte aan slaap, je bent spraakzamer dan gewoonlijk, snel afgeleid en hebt opgejaagde gedachten. Je hebt grootse ideeën over jezelf en wilt voortdurend iets doen.
Vaak houdt je je bezig met plezierige activiteiten waarbij een grote kans bestaat op “pijnlijke” gevolgen (ongeremde kooplust, zakelijk onverstandige dingen doen, seksuele escapades); de gevolgen ziet men niet op dat moment. De manie is zo ernstig dat je beperkingen ondervindt in het werk, in relaties of dagelijkse bezigheden.
Als de manische periode wordt afgewisseld met een depressieve periode noemt men de stoornis manisch depressief. Als je een duidelijk verhoogde stemming hebt zonder dat het veel belemmeringen geeft in het werk, relaties of dagelijkse bezigheden is er sprake van een hypomane periode.
Als je hypomane periodes hebt, die afgewisseld worden met neerslachtige, sombere en lusteloze periodes en je hebt dit twee jaar of langer, dan is er sprake van een cyclothyme stoornis.

[Terug]


NERVOSITEIT

Nervositeit of zenuwachtigheid is een toestand van gejaagdheid, onrust en een sterke prikkelbaarheid. Men is vaak bang voor iets en beschouwt iets als een bron van gevaar, dreiging. Dat kan in meerder of mindere mate het geval zijn. Men kan nerveus zijn voor een tentamen en daarbij de lichte angst dat men mogelijk kan falen (zie: faalangst) of veel sterker nerveus.
Het autonome zenuwstelsel is in een staat van paraatheid gebracht, gericht om snel te kunnen reageren.
Lichamelijke sensaties kunnen zijn: buikpijn, druk op de borst of hartkloppingen, snellere ademhaling. Een zenuwachtige of prikkelbare aanleg is grotendeels genetisch bepaald.
Ook uit dierexperimenten is gebleken dat er schrikachtige, snel geprikkelde dieren zijn.

[Terug]


NEUROLINGUÏSTISCH PROGRAMMEREN (NLP)

Het fundament voor NLP werd gelegd door Bandler & Grindler. NLP wordt gezien als een communicatie techniek gericht op verandering van het individu.
Bandler & Grindler ontwikkelden een methode die gebaseerd is op technieken van beroemde psychotherapeuten. Een van die beroemde psychotherapeuten was Erickson, Milton.
In de NLP gaat men ervan uit dat psychische klachten ontstaan omdat je eenmaal een bepaalde strategie hebt gekozen, die toen de beste keuze was (programmeren). Elk gedrag of ervaring heeft zijn weergave in ons zenuwstelsel (neurologisch systeem). Ons taalgebruik laat zien hoe wij onze ervaringen hebben opgeslagen (linguïstisch) Een NLP-deskundige sluit aan op de beleving van zijn cliënt en gaat ervan uit dat de hulpbronnen tot verandering al aanwezig zijn in de cliënt.
Een techniek om te veranderen is bijvoorbeeld: ‘reframen’. Dat wil zeggen een andere betekenis geven aan de herinnering.

[Terug]


NEUROSE (NEUROTISCH)

Een neurose is een psychische stoornis waarbij de persoon lijdt en voornamelijk angstig is (fobieën, dwangklachten en obsessies zijn veelvoorkomende psychische stoornissen).
Het contact met de werkelijkheid is intact en men kan normaal functioneren. In het dagelijks spraakgebruik wordt de term ‘neurotisch’ vaak gebruikt om een persoon te omschrijven die overdreven bezorgd is, overdreven bang is, overdreven bezig is met zichzelf of overdreven nerveus.
De term ‘neurose’ wordt als verouderd beschouwd en niet meer als diagnose gebruikt in de psychologie en psychiatrie; officieus gebruikt men de term echter wel.

[Terug]


OVERSPANNENHEID

Overspannenheid is een teveel aan stress waardoor men anders reageert dan eerst.
De stressklachten gaan niet over na een weekeinde rusten of na plezierige activiteiten. Stressklachten kunnen zijn: overdreven reageren, te snel lachen of te snel huilen, prikkelbaar, slecht tegen geluiden of lawaai kunnen, je minder goed kunnen concentreren, moe en onrustig voelen, nergens meer zin in hebben, ’s nachts wakker liggen, maagpijn, hoofdpijn enzovoort. Er zijn wel honderd verschillende stressklachten mogelijk.
Wat te doen bij overspannenheid?
Eerst naar de huisarts gaan die waarschijnlijk zal aanraden een tijdje met werken te stoppen. Ga na wat de oorzaak van de stress is en probeer deze op te lossen. Een psycholoog kan je hierbij helpen. Ga vervolgens rustmomenten en leuke activiteiten afwisselen. Bezin je op je levensstijl. Het verschil met een burnout is o.a. dat een overspannenheid na een paar weken tot maanden wel verdwenen is. Herstellen van een burnout duurt over het algemeen langer.

[Terug]


PANIEKAANVAL

Bij een paniekaanval heeft men verscheidene angstklachten als: zweten, rood worden, trillen, hartkloppingen, duizelig, adem in de keel, gevoel van flauwvallen, je onwerkelijk voelen alsof je geen deel meer uit maakt van je omgeving en dergelijke. De paniek kan zo intens zijn dat je daarna de angst krijgt wéér zo’n paniekaanval mee te maken. Of je bent bang tijdens zo’n aanval de controle te verliezen en” gek te worden” of flauw te vallen. Als je de eerste keer zoiets meemaakt in een winkel, heb je de neiging die winkel uit de weg te gaan of angstig te worden voor boodschappen doen. Zo kan een fobie (zie: fobieën) ontstaan. Het is dus belangrijk niet te vermijden en de situatie niet uit de weg te gaan, hoe moeilijk dat het ook is.
In therapie leer je deze paniek aan te pakken en te verminderen.

[Terug]


PERSOONLIJKHEIDSKENMERKEN
Persoonlijkheidskenmerken zijn vaststaande eigenschappen of karakteristieken van een persoon. In het dagelijks taalgebruik wel ‘het karakter’ genoemd.
Er is een grote verscheidenheid aan individuele persoonlijkheidskenmerken maar volgens de huidige psychologische opvattingen kunnen deze worden teruggebracht tot vijf dimensies (The Big Five). Elk mens kan worden ‘ingedeeld’ in de mate van: Extraversie, Flexibiliteit, Emotionele Stabiliteit, Open staan voor Ervaringen en Betrouwbaarheid.

[Terug]


PERSOONLIJKHEIDS PROBLEMEN

Niemand is volmaakt en ieder mens heeft een bepaalde persoonlijkheid of karakter.
Meestal weten wij van onszelf wel wat ons sterke en zwakke kanten zijn. Mensen met persoonlijkheidsproblemen kunnen zó extreem zijn dat het voor andere mensen vervelend is. En dan niet af en toe, maar voortdurend. Hun gedrag staat los van de situatie; men reageert met een stereotiep en inadequaat gedragspatroon. Een persoon kan zo overdreven zijn, afhankelijk, onberekenbaar, of egocentrisch (zichzelf steeds als middelpunt nemen) dat de omgeving deze mensen hinderlijk vindt. Vaak is het zo dat de persoon met persoonlijkheidsproblemen (of een persoonlijkheidsstoornis) er zelf nauwelijks last van heeft.
Hij vindt dat “de fout” in de omgeving ligt.
Mensen met persoonlijkheidsproblemen zoeken vaak geen hulp omdat ze geneigd zijn niet naar zichzelf te kijken en anderen de schuld te geven. Toch kunnen ze een spoor van ellende achter zich laten van verbroken relaties met partners, vrienden, ruzies op het werk, geen contact meer met hun kinderen of ouders of problemen met justitie. Een bepaald type persoonlijkheid kan zich juist helemaal terugtrekken uit contact met anderen en in een fantasie leven.
Een andere groep mensen met persoonlijkheidsproblemen is sterk ontwijkend in contact met anderen (angst om afgewezen te worden), is afhankelijk en vastklampend aan anderen of heeft een zó perfectionistische inslag dat het ten koste gaat van soepelheid naar zichzelf en anderen.
In psychotherapie kan men leren meer ongedwongen naar zichzelf te kijken en hinderlijke eigenschappen om te buigen naar meer positieve.

[Terug]


POSTTRAUMATISCHE STRESSSTOORNIS (PTSS / PTSD)

Als men een traumatische, ingrijpende gebeurtenis heeft meegemaakt waarbij men intens bang is geweest, of zich heel onmachtig heeft gevoeld, wordt de traumatische gebeurtenis vaak opnieuw beleefd. Bijvoorbeeld in gedachten en herinneringen, akelige dromen of het gevoel het trauma weer opnieuw mee te maken. Men heeft de neiging alles wat met het trauma te maken heeft uit de weg te gaan. Vaak is men gedeeltelijk herinneringen van het trauma kwijt.
Andere klachten kunnen zijn: snel boos en prikkelbaar, snel schrikken, heel alert zijn in je omgeving, moeite met slapen ’s nachts (en overdag moe), je ongeïnteresseerd voelen in mensen en activiteiten.
Een posttraumatische stressstoornis kan (nog) maanden na het trauma ontstaan en maanden duren. Het is belangrijk erover te praten, of het trauma op te schrijven en op gezette tijden met het trauma bezig te zijn zodat de klachten verminderen. Een therapeut of psycholoog kan je hierbij helpen.

[Terug]


PSYCHOLOGISCHE STROMINGEN

De belangrijkste psychologische stromingen zijn de psychodynamische (gebaseerd op psychoanalytische ideeën), de gedragstherapeutische, de cliënt-gerichte, de existentiële (humanistische psychologie) en de cognitieve therapie.
In de cognitieve therapie veronderstelt men dat negatieve emoties of gedragingen veroorzaakt worden door negatieve gedachten (cognities). Cliënt en therapeut sporen samen de negatieve gedachten op van de cliënt en proberen deze te veranderen in meer reële, logische en rationele gedachten. Daardoor verandert het gedrag ook.
In de gedragstherapie veronderstelt men dat negatieve emoties en gedragingen veroorzaakt worden door de leergeschiedenis van het individu. Negatief en ongewenst gedrag is aangeleerd en kan ook weer worden afgeleerd. Dat betekent dat veranderingen tot stand komen door nieuwe leerervaringen. Men leert om nieuwe dingen te doen en niet alleen erover te praten. Om bijvoorbeeld angsten te overwinnen leert men, stapsgewijs, letterlijk de confrontatie aan te gaan met deze angsten. De cognitieve therapie is een uitvloeisel van de gedragstherapie.
In de cliëntgerichte (Rogeriaanse) therapie, ook een stroming binnen de humanistische psychologie, veronderstelt men dat negatieve emoties en gedragingen te maken hebben met de leergeschiedenis van het individu waarin hij onder bepaalde voorwaarden liefde en acceptatie kreeg. Mensen hebben minderwaardigheidsgevoelens, depressieve gevoelens en angsten omdat ze zichzelf niet goed genoeg vinden en zichzelf niet accepteren. Ze durven niet echt naar zichzelf te kijken en wringen zich in allerlei bochten om hun spiegelbeeld niet te zien. De therapeut schept een accepterend, betrokken en gestructureerd klimaat en in de behandeling worden voorvallen in het leven van de cliënt besproken. Door de grondhouding van de therapeut kan de cliënt inzicht krijgen, zich geaccepteerd voelen en veranderen.
In de psychodynamische therapie veronderstelt men dat negatieve gevoelens en gedragingen te maken hebben met de ontwikkelingsgeschiedenis van het individu. Freud (psycho-analyse) veronderstelde dat mensen een onbewuste neiging hebben om vroegere situaties en gedragingen te herhalen. Door oorzaken in de het verleden op te sporen verkrijgt men inzicht in zichzelf en is men in staat zichzelf te veranderen. De gevoelens die naar boven komen in de therapeutische situatie (overdracht) zijn eveneens een herhaling van vroegere patronen en zijn een belangrijk uitgangspunt bij de therapie. In de existentiële psychologie veronderstelt men dat emotionele stoornissen of gedragingen te maken hebben met de ziektes van onze tijd.
Bijvoorbeeld: de ontworteling van families, eenzaamheid, anonimiteit, verlies van een spirituele grondhouding en dergelijke. De therapie is gericht op het ontdekken van de vrije keus van het individu, zijn authenticiteit en verantwoordelijkheid.
De humanistische psychologie, waaronder ook de existentiële en cliëntgerichte psychologie vallen, is gericht op persoonlijke groei en zelf actualisatie van het individu.
Zelfactualisatie is gericht op het ontdekken en benutten van de menselijke mogelijkheden; het heeft overeenkomsten met het Individuatieproces.

[Terug]


PSYCHOLOGISCHE TESTS

Psychologische tests zijn hulpmiddelen om op objectieve wijze vaardigheden en eigenschappen van mensen vast te stellen.
Zo zijn er :
* Intelligentietests
* Persoonlijkheidstests
* Beroepskeuze- en interessetests
* Tests om klachten/ aandoeningen vast te stellen
* Vaardigheidstests

Psychologische tests zijn hulpmiddelen en kunnen geen absoluut oordeel over iemand uitspreken.
Psychologen spreken over betrouwbaarheid en validiteit van een test, dat wil zeggen: als je over een half jaar deze test invult, is er dan hetzelfde resultaat? En: meet de test wat hij pretendeert te meten?
Je begrijpt dat zowel de betrouwbaarheid als validiteit van een test nooit 100% is.
De werkelijkheid, wij mensen, zijn veel rijker dan een test kan meten.
Mensen zijn vaak bang van testresultaten en dichten tests magische eigenschappen toe.
Uit een test kan niet meer komen dan dat je zelf invult. Hoogstens valt op dat je jezelf tegenspreekt, dat je jezelf te mooi voorspiegelt (Ik lieg nooit) of dat je bizarre gedachten hebt (Iemand probeert mijn gedachten te beinvloeden). Als deze laatste opmerking van filosofische of bespiegelende aard is (We proberen in de omgang met elkaar elkaars gedachten te beïnvloeden) dan wordt dit niet zo geïnterpreteerd. De psycholoog die de test interpreteert vermoedt dat je een waan hebt.

[Terug]


PSYCHOSE

Een periode van intense verwardheid, waarin men het onderscheid tussen werkelijkheid en verbeelding kwijt is. Men kan stemmen horen, beelden zien of bezeten zijn door obsessies.

De gedachten zijn verward. De gevoelens vaak intens. De persoon is niet meer in staat zijn aandacht te richten. Hij verliest het contact met wat er om hem heen gebeurt.
De persoon gedraagt zich vreemd: in zichzelf gekeerd of juist ontremd en opgewonden.

Volgens de huidige opvattingen heeft men medicatie nodig om de psychose te onderdrukken.
Een psychose kan eenmalig  zijn (bijvoorbeeld na een ingrijpende levensgebeurtenis) of  steeds terugkeren (schizofrenie).  Een psychose is een  psychiatrisch ziektebeeld en moet behandeld worden met medicatie door een arts of psychiater.

[Terug]


PUBERTEIT

Biologische ontwikkeling tot jong volwassenheid.
Start bij ieder individu verschillend (rond 10-14 jaar). De hypothalamus gaat groei- en geslachtshormonen produceren waardoor het lichaam verandert.
Een van de eerste kenmerken is de groeispurt. Andere kenmerken hebben te maken met een vrouwelijke groei bij meisjes (borsten, heupen) en een mannelijke groei bij jongens (spierontwikkeling, breder lichaam). Bij jongens ontstaat de capaciteit tot sperma produceren en ejaculeren (klaarkomen), meisjes krijgen de eerste menstruatie.
Ook het gevoelsleven verandert: er ontstaat meer interesse in verliefd worden, verkering en seksuele gevoelens. Je kunt wat humeuriger zijn, maar ook gevoelens van verlegenheid of somberheid komen vaker voor. In deze periode ga je wat meer nadenken over jezelf, de toekomst, het leven. Het is niet altijd een gemakkelijke periode, maar het is heel normaal. Ieder mens heeft deze periode doorgemaakt.

[Terug]


RELATIEPROBLEMEN

Problemen in de relatie kunnen slopend zijn; omdat we zelf onderdeel zijn van de relatie (en emotioneel betrokken) kunnen we vaak niet zien wat het probleem is en hoe we het moeten oplossen.
De meeste relatieproblemen zijn in wezen communicatieproblemen. We zeggen niet wat we bedoelen en soms hebben we zelf geen zicht op onze eigen motieven.
Ook seksuele problemen kunnen te maken hebben met communicatieproblemen.
Wat kun je zelf doen? Leer jezelf kennen! Als de ruzie gezakt is, denk dan eens na over jezelf (of schrijf het op). Waar werd je boos om? Wat zou je graag willen?
Maak een afspraak met elkaar om om-de-beurt te praten over wat je dwars zit (en ook wat je graag zou willen) en val elkaar niet in de rede. Luister naar elkaar. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn om te kunnen luisteren.
Soms kunnen partners het niet verdragen dat ze het oneens zijn. Mensen vinden het vaak moeilijk te beseffen dat ze verschillend zijn. Volwassenheid (zie ook: individuatie proces) bestaat voor een belangrijk deel eruit dat men met verschillen tussen mensen kan omgaan.
Pas als je goed geluisterd hebt naar elkaar, kun je naar oplossingen zoeken.

[Terug]


ROUWVERWERKING

Bij de dood van een geliefd persoon is men in rouw ondergedompeld. Rouwen, het verlies verwerken, doet ieder op zijn eigen manier. Toch zijn er wel fasen aan te wijzen die voor iedereen nagenoeg hetzelfde zijn (al hoeft niet iedereen deze rouwfasen allemaal te doorlopen): Als men net geconfronteerd wordt met de dood, lijkt men eerst verdoofd.
Het gebeuren dringt niet goed door en men kan het nauwelijks geloven. Na een aantal dagen tot weken dringt het pas goed door en voelt men pijn en verdriet. Heel vaak wordt dit afgewisseld met boosheid en vragen als: “Waarom moest dit gebeuren? Had het voorkomen kunnen worden? Wiens schuld is het?” Stukje bij beetje verdwijnen de vragen naar de achtergrond en kan men het verdriet voelen. Men beseft en accepteert dat de ander dood is. Heel geleidelijk past men zich aan, aan een leven zonder die ander. Pas later is men weer in staat gevoelens voor anderen toe te laten en weer van het leven te leren houden.
Het is heel normaal om na jaren bij een herinnering plotseling verdriet te voelen.
Het is ook niet raar dat verdriet slijt en men na jaren slechts af en toe een gemis voelt.
Hoelang een rouwproces duurt valt niet te zeggen.
Men zegt weleens: ‘Alle seizoenen moeten eroverheen” maar soms duurt een rouwproces veel langer dan een jaar.
Naast verdriet, pijn, boosheid en schuldgevoelens heeft het rouwproces vaak ook lichamelijke gevolgen: men eet slecht en valt af, kan zich niet goed concentreren, slaap slecht, is erg vermoeid of kan juist overdag rusteloos en heel actief bezig zijn zodat men moeite heeft met ontspannen.
Men helpt rouwende mensen het beste door naar ze te luisteren, ook al moeten ze honderd keer hun verhaal vertellen. Een dagboek beginnen en je gevoelens en gedachten opschrijven helpen je om je verlies te verwerken.
Overigens ziet men een vorm van rouwverwerking ook terug bij het verwerken van andere ingrijpende gebeurtenissen.

[Terug]


SCHIZOFRENIE

Schizofrenie is een ernstige psychiatrische ziekte. Mensen maken periodes door waarin zij het contact met de werkelijkheid verliezen (psychose): ze kunnen bijvoorbeeld stemmen horen of dingen zien die er niet zijn. De gedachten zijn verward en het is moeilijk met anderen contact te maken. Je kunt je aandacht niet meer richten. Je gevoelens zijn veranderd: intenser of somberder. Het kenmerk van de ziekte is dat je periodes doormaakt van ernstige verwardheid (psychoses) en periodes waarin je weer stabiel bent. Tegenwoordig bestaat de behandeling uit medicijnen (die de verwardheid en vreemde gedachten wegnemen) en een aangepaste omgeving: dat wil zeggen een rustige omgeving, zonder stress en zonder al te veel veranderingen. Schizofrenen zijn gevoelig geworden voor stressfactoren en kunnen daardoor gemakkelijk uit hun evenwicht raken. De oorzaak van de ziekte is onbekend.
Erfelijkheid speelt een beperkte rol: bij een eeneiïge tweeling is de kans 50% dat ze allebei de ziekte krijgen. Eén kan de ziekte hebben, en de ander niet terwijl hun genetisch materiaal precies hetzelfde is. Er moeten dus meer factoren een rol spelen. Momenteel vermoedt men dat in de eerste drie maanden van de zwangerschap een afwijking in de hersenen ontstaat bij de foetus.

[Terug]


SEKSUELE PROBLEMEN

Er kunnen, zowel bij mannen als vrouwen, seksuele problemen ontstaan. Er kunnen problemen zijn bij het krijgen van een erectie, geen opwinding meer voelen, pijn bij het vrijen, vaginisme, of orgasmenproblemen. Veel seksuele problemen worden veroorzaakt door stress, gevoelens van onzekerheid, negatieve gedachten of eerdere mislukkingen waardoor men opnieuw bang is te falen. Ook onkunde en onwetendheid kunnen problemen veroorzaken.
Om op een fijne manier seks te hebben, moeten beide partners willen vrijen en ontspannen zijn. Ook is het belangrijk over seks te praten met elkaar (bij problemen: op een ander moment dan tijdens het vrijen ). Leer tegen elkaar te zeggen wat je prettig vindt, wat je opwindend vindt, maar ook dat je geen zin hebt, dat je het anders zou willen al weet je niet hoe.. etc. Verkrampte spieren rondom de vagina kunnen bij de vrouw voor vaginisme zorgen; de vagina zit als het ware op slot. Pijn bij het vrijen kan veroorzaakt worden door te weinig vocht bij de vrouw. Dat kan te maken hebben met hormonale problemen, andere gezondheidsproblemen, te snel vrijen (ongeduld bij de man), of eigenlijk geen zin hebben in seks.
Een erectiestoornis kan veroorzaakt worden door andere gezondheidsproblemen, door alcohol of drugsgebruik, of door angst om te falen. Voor seksuele problemen is het van belang vast te stellen wat de oorzaak ervan is. Het is raadzaam eerst met de huisarts te bespreken of soms andere gezondheidsproblemen een rol kunnen spelen. Als medische oorzaken uitgesloten zijn, kan men met een seksuoloog of psycholoog de seksuele problemen verhelpen.

[Terug]


SLAAPSTOORNISSEN

Slaap hebben we nodig om lichaam en geest te herstellen van alle activiteiten en rust te gunnen. Door slaap voelen we ons verkwikt en het geeft ons nieuwe energie.
De meeste mensen hebben 7-8 uur slaap op een dag nodig. Oudere mensen hebben minder behoefte aan slaap en hun slaapritme verandert. De slaap is verstoord als je minder gemakkelijk inslaapt dan eerst, vroeg wakker wordt en niet meer kan slapen, of tussendoor steeds wakker wordt.
Soms is het tijdelijk en is de slaap na een paar weken weer gewoon. Als men een paar weken lang slaapstoornissen heeft, gaat men dat merken aan: vermoeidheid, concentratieproblemen, meer spanningen voelen of een sombere stemming. Slaapstoornissen staan meestal niet op zichzelf, maar hangen samen met lichamelijke ziektes of geestelijke problemen of zorgen.
Ga daarom eerst naar je huisarts. Wat te doen bij slaapproblemen? Als je teveel spanning of stress hebt en daardoor slaapproblemen zul je de oorzaak van de stress moeten veranderen.
Probeer daarnaast een gezonde levenstijl te ontwikkelen met zowel rustmomenten als activiteiten. Werk ’s avonds niet meer door (niet computeren en beperk t.v. kijken) en ga de avond ‘opslomen”: een rustig muziekje, een avondwandelingetje, een warm bad en geen gepieker over de hoeveelheid slaap.

[Terug]


SOCIALE ANGST

Mensen met sociale angst zijn bang uit gelachen te worden of afkeurende blikken en of woorden van anderen te krijgen. De angst doet zich voor in situaties met andere mensen. Bijvoorbeeld in groepen als men iets moet zeggen, op feestjes, vergaderingen, of in persoonlijke contacten met anderen. De angst kan zo erg zijn dat men paniekgevoelens krijgt als: zweten, trillen, duizelig, angst flauw te vallen, willen vluchten en dergelijke.
De situatie waar men bang voor is wordt meestal uit de weg gegaan. Op de korte termijn helpt dit wel, maar op de lange termijn wordt de angst hierdoor groter. Wat je moet leren (en kan leren in therapie) is de situatie niet te vermijden. De meeste mensen met een sociale angst letten erg op zichzelf en denken dat anderen ook op hen letten. De waarheid is dat de meeste mensen zó druk met zichzelf of activiteiten bezig zijn, dat ze niet zo op een ander letten.
In therapie leer je ook de aandacht niet meer zo op jezelf te leggen. Bloosangst, angst rood te worden en zich hierdoor vernederd te voelen, is ook een vorm van sociale angst. Deze vormen van angst zijn over het algemeen heel goed te verhelpen met een psychologische behandeling.

[Terug]


SPIRITUALITEIT

Letterlijk betekent spiritualiteit: onstoffelijkheid of geestelijke houding. Wat mensen er vaak mee bedoelen, is dat ze geïnteresseerd zijn in filosofische vraagstukken of levensvragen als: is er leven na de dood, wat is de zin van het leven, welke betekenis kan ik geven aan moeilijkheden in mijn leven en dergelijke. Spiritualiteit omvat meer dan een geloofsovertuiging; het gaat over het kennen van jezelf (slechte en goede kanten) en het ontwikkelen van goede basiseigenschappen in jezelf. Dat zijn: menselijke genegenheid, betrokkenheid, mededogen, eerlijkheid, discipline en menselijk verstand, vanuit goede beweegredenen geleid (Dalai lama). Door als een goed mens te leven ervaart men verbondenheid met alles om ons heen. Men kan een extatisch moment van verbondenheid ervaren, waarbij de grenzen van het ego wegvallen (Verlichting).
In de humanistische/existentiele psychologie (psychologische stromingen) is het ervaren van levensvraagstukken over zin en eindigheid en zelfverwerkelijking een belangrijk uitgangspunt voor de psychologische behandeling.

[Terug]


STRESS

Als mensen over stress praten, bedoelen ze meestal ‘negatieve spanning”. Maar, spanning of stress hoort bij het leven. Spanning kan ons ook oppeppen om betere prestaties te leveren, bijvoorbeeld voor een examen. We zijn dan supergeconcentreerd, alert, en ‘klaar voor de start’. Bij stress maakt ons lichaam stresshormonen aan, waardoor wij in staat zijn te presteren of in angstige situaties te handelen. Als de adrenaline door ons heen stroomt klopt ons hart sneller, de spieren zijn gespannen, en de ademhaling is sneller en dieper.
Als stress te lang duurt, kan er chronische stress ontstaan. Klachten kunnen zijn: vermoeidheid en gejaagdheid, slaapstoornissen, snel kwaad, snel geïrriteerd maar ook: maagpijn, hoofdpijn, hartkloppingen, hyperventilatie en dergelijke. Als deze klachten niet zomaar overgaan na een paar dagen rust, ben je al te ver heen. Het zijn waarschuwingssignalen van je lichaam.
Neem ze serieus! Onderzoek de oorzaak en verander je leven. Het is belangrijk afwisseling te hebben van activiteiten en rust. Als chronische stress te lang duurt kun je overspannen raken (zie: overspannenheid) , of een burnout of depressie ontwikkelen.

[Terug]


SUÏCIDE

Suïcide (of zelfmoord, zelfdoding) is het beëindigen van je leven. Veel suïcide pogingen mislukken, vaak ben je daar achteraf blij om. Vaak wil je niet zozeer je leven beëindigen als wel de problemen, rotgevoelens of depressie beëindigen. Als je jezelf de vraag stelt (de wondervraag): “Wat zou er gebeuren als ik wakker werd en er was een wonder gebeurd?” en het wonder zou zijn om blij of gewoon te kunnen leven , dan wil je niet je leven beëindigen. De kwaliteit van je leven is dan momenteel niet goed. Het is heel belangrijk te praten met andere mensen hierover en nog belangrijker is om hulp te zoeken. De meeste mensen aarzelen bij een hevige kiespijn niet om naar een tandarts te gaan, maar bij een hevige levenspijn wel om naar een psycholoog of psychiater te gaan. Als je niet durft te praten, mail dan een psycholoog (e-mail:
vraag aan de psycholoog). Bedenk dat een suicidewens veelal een ontsnappingsfantasie is en gepaard gaat met ernstige bewustzijnsvernauwing.
Vrij veel suïcidepogingen mislukken, maar ook vaak met vreselijke gevolgen (blijvend letsel, gehandicaptheid en dergelijke).

[Terug]


SYMBOLEN

Symbolen zijn meer dan tekens. Tekens (verkeersborden b.v.) maken in beeldtaal iets duidelijk en zijn eenduidig. Symbolen daarentegen kunnen een conventionele betekenis hebben maar roepen daarnaast iets anders op; iets wat ‘vaag, verborgen en onbekend is, iets om over na te blijven denken of naar te kijken’. Er is een intuïtieve aantrekkingskracht naar symbolen, en deze verwijst naar onszelf, naar de mens. Jung, C.G. heeft veel wetenschappelijk onderzoek gedaan en geschreven over symbolen. In alle culturen en in alle tijden hebben mensen symbolen gebruikt om iets te vertellen over het mens-zijn of de eigen psyche.
In veel kunstwerken komen we symbolen tegen, ook in kindertekeningen en spontane tekeningen of schilderijen. In moeilijke periodes gaan mensen zich vaak creatief uiten en creëren ze symbolen die al eeuwenoud bestaan. Ook in dromen komen we in contact met krachtige symbolen.
Bekende symbolen zijn o.a. geometrische figuren, kleuren, cijfers en letters, dieren, de vier elementen en hemellichamen. Bekende symboolstelsels, die gebaseerd zijn op synchroniciteit en wetmatigheden, zijn: de I Tjing, de Kabbala, Astrologie, Tarot.

[Terug]


SYNCHRONICITEIT

Syncroniciteit is het verschijnsel van ‘zinvolle coincidentie”. (C.G. Jung) Op hetzelfde moment spelen een aantal manifestaties van hetzelfde beginsel zich af. Wat zijn manifestaties van hetzelfde beginsel? Hiermee worden uitingen met eenzelfde kenmerk bedoelt.
Een simpel voorbeeld kan dit misschien duidelijk maken: een man raakt tijdens een ruzie zo buiten zinnen, dat hij rood aanloopt en begint te schreeuwen, te schelden en met spullen smijt. Tegelijkertijd knapt op hetzelfde moment de lamp kapot (beiden ‘exploderen’ als het ware).
In onze cultuur zijn wij gewend om causaal te denken, in oorzaak en gevolg. Synchroniciteit is een tegenovergestelde manier van denken waarin één moment zich op verschillende niveaus manifesteert, zonder dat er sprake is van oorzaak en gevolg. Als men de symbolentaal verstaat kan men meer synchroniciteit gaan opmerken.

[Terug]


SYSTEEMTHERAPIE

In de systeemtherapie of gezinstherapie behandelt men het hele gezin dat als een systeem gezien wordt. Alle leden van het gezin zijn met elkaar verbonden. Als één gezinslid psychische klachten heeft moet je dit gezinslid niet isoleren en apart behandelen maar het hele gezin bij de behandeling betrekken. Soms zijn de psychische klachten van het gezinslid een uiting van (reactie) op de acties in het gezin.
Bijvoorbeeld: in sommige gezinnen kan men zó betrokken zijn op elkaar dat men zijn individualiteit niet kan ontdekken en verstikt raakt door ‘het er boven op” zitten.
In de systeemtherapie legt men de gezinsverhoudingen bloot en brengt deze weer in evenwicht, waardoor de psychische klachten van het gezinslid verdwijnen. (Zie: Psychologische stromingen).

[Terug]


VERMOEIDHEID

Vermoeidheid op zichzelf is geen ziekte maar een signaal van ons lichaam. Soms kan men achterhalen waardoor de vermoeidheid is ontstaan: de nasleep van een ziekte, gebroken nachten of na een periode hard werken. Vermoeidheid kan wel samengaan met een ziekte.
Bij een depressie, depressieve klachten of burnout speelt vermoeidheid een rol.
De vermoeidheid is veelal een signaal om rust te nemen en zich te bezinnen op de huidige levensstijl. Probeer gezonder te leven en plezierige activiteiten te ondernemen.
Als vermoeidheid niet over gaat en maanden aanhoudt spreekt men van een chronische vermoeidheid.

[Terug]


VERSLAVING

Je kunt aan veel dingen verslaafd raken. Sommige verslavingen brengen grotere gezondheidsrisico’s of meer ellende met zich mee dan andere. Zo zijn er miljoenen mensen verslaafd aan koffie of tabak zonder dat wij dit ernstige verslavingen noemen.
Door te stoppen met roken, alcohol, koffie drinken, pillen slikken etc. merk je of je verslaafd bent.
Als er slechts sprake is van gewenning mis je het middel en denk je er aan, maar heb je nog geen onthoudingsverschijnselen. Als het lichaam zó gewend is geraakt aan een middel dat het niet meer zonder kan, krijg je ontwenningsverschijnselen.
Bijvoorbeeld: zweten, trillen, misselijk, gevoelens van onrust, angst. Ontwenningsverschijnselen verdwijnen weer na een paar weken.
Wat zijn signalen van een beginnende verslaving? Je hebt een drang en verlangen het middel te gebruiken. Het middel gebruiken geeft rust en je neemt vaak méér dan je je hebt voorgenomen.
Als je verslaafd bent gaat het gebruik van het middel een steeds grotere rol spelen in je leven. Je hebt pas rust als je het middel genomen heeft. Het middel is niet alleen nodig om je lekker te voelen, maar ook om de grote onrust, spanningen en vervelende gevoelens te verdrijven. Om van een verslaving af te komen is het belangrijk dat je dat zelf echt wil. Je kunt terecht bij gespecialiseerde instellingen als een instelling voor verslavingszorg. (Zie ook: alcoholproblemen).

[Terug]


WHIPLASH

Een whiplash ontstaat vaak door een achteraanrijding van een auto, waarbij het hoofd eerst naar achteren en daarna naar voren wordt geslingerd. Bewustzijnsverlies treedt niet op.
In een heleboel gevallen is men misschien wat duizelig, maar verder voelt men niets.
Echter, in de volgende dagen of weken krijgt men steeds meer klachten.
Klachten kunnen zijn: hoofdpijn, spierpijn, nekpijn en later volgen: vermoeidheid, vergeetachtig, slechte concentratie, emotioneel labiel, overgevoelig voor allerlei prikkels.
Je kunt je gewone dagelijkse bezigheden niet meer volhouden.
Wanneer de klachten langer dan een half jaar bestaan spreekt men van een Laat Whiplash Syndroom (LWS).

[Terug]


WONDERVRAAG

De wondervraag is deze: “Stel dat je morgen wakker wordt en er is een wonder gebeurd, hoe ziet mijn leven er dan uit?”
Deze vraag beantwoorden en bedenken wat je hiervoor moet doen, is de kortste vorm van psychotherapie of psychologische behandeling. Sommige mensen ervaren deze vraag als een eye-opener en kunnen hierdoor hun leven veranderen.
De wondervraag maakt deel uit van een vorm van oplossingsgerichte therapie waarbij men ervan uit gaat dat de cliënt de hulpbronnen die nodig zijn om te veranderen al heeft. Oplossingsgerichte therapie is een mengeling van een aantal psychologische stromingen waarbij men elementen van gedragstherapie, cognitieve therapie, systeemtherapie en de taalkundige invalshoek van Milton Erickson en NLP (Neurolinguïstisch programmeren) kan onderscheiden.

[Terug]